|
|
De VerhevenNombre de versets (ayats): 206Affichage: 191-200
Imprimer la page 7.192. En zij kunnen anderen geen hulp verlenen noch kunnen zij zichzelf helpen. 7.193. En als gij hen tot leiding roept zullen zij u niet volgen. Het is gelijk of gij hen roept of zwijgt. 7.194. Voorwaar, degenen die gij naast Allah aanroept zijn dienaren, zoals gij. Roept hen dan aan en laat hen u verhoren als gij waarheid spreekt. 7."195. Hebben zij voeten waarmede zij lopen of hebben zij handen waarmede zij vasthouden, of hebben zij ogen waarmede zij zien of hebben zij oren waarmede zij horen? Zeg: ""Roept de deelgenoten aan. Smeedt plannen tegen mij (profeet) en geeft mij geen uitstel""" 7.196. Waarlijk, mijn Beschermer is alleen Allah Die het Boek (de Koran) heeft geopenbaard. En Hij is de Beschermer der goeden. 7.197. En zij, die gij naast Hem aanroept hebben geen macht om u te helpen noch kunnen zij zichzelf helpen. 7.198. En als gij hen tot leiding uitnodigt horen zij u niet. En gij ziet hen naar u kijken maar zij zien niet. 7.199. Neig u tot vergiffenis en spoor tot vriendelijkheid aan en wend u van de onwetenden af. 7.200. En als een boze ingeving van Satan u (tot het kwade) aanspoort, zoek dan uw toevlucht bij Allah, voorzeker, Hij is Alhorend, Alwetend. |
|