|
|
Het VeeNombre de versets (ayats): 165Affichage: 71-80
Imprimer la page 6."72. En: ""Onderhoudt het gebed en vreest Hem, tot Wie gij zult worden verzameld.""" 6."73. En Hij is het, Die de hemelen en de aarde in werkelijkheid schiep. En de dag, waarop Hij zegt: ""Wees"", wordt het. Zijn woord is werkelijkheid, en aan Hem behoort het koninkrijk op de Dag waarop de bazuin zal worden geblazen. De Kenner v an het onzichtbare en het zichtbare. Hij is de Alwijze, de Al- kennende." 6."74. Toen Abraham tot zijn vader Azar zeide: ""Neemt gij afgoden tot Goden? Ik zie u en uw volk in duidelijke dwaling.""" 6.75. Zo toonden Wij Abraham het koninkrijk der hemelen en der aarde, opdat hij tot de vastgelovenden zou behoren. 6."76. En toen de nacht over hem kwam, zag hij een ster. Hij zeide: ""Dit is mijn Heer."" Maar toen zij onderging, zeide hij: ""Ik heb de dingen, die ondergaan niet lief.""" 6."77. En toen hij de maan zag glanzen, zeide hij: ""Dit is mijn Heer."" Maar toen zij onderging zeide hij: ""Had mijn Heer mij niet geleid dan zou ik zeker tot het dwalende volk behoren.""" 6."78. En toen hij de zon zag stralen zeide hij: ""Dit is mijn Heer. Dit is de grootste"" Maar toen zij onderging, zeide hij: ""O, mijn volk, ik heb niets uitstaande met uw afgoden.""" 6.79. Ik heb mijn aangezicht oprecht gewend tot Hem, Die de hemelen en de aarde schiep en ik behoor niet tot de afgodendienaren. 6."80. En zijn volk redetwistte met hem. Hij zeide: ""Redetwist gij met mij omtrent Allah, terwijl Hij mij recht heeft geleid? En ik vrees hetgeen gij met Hem vereenzelvigt niet, tenzij mijn Heer iets wenst. Mijn Heer omvat alle dingen in Zijn kennis. Wilt gij er dan geen lering uit trekken?""" |
|