De Koe

Nombre de versets (ayats): 286
Affichage: 161-170 


Sourate De Koe en français Version française
Sourate De Koe en arabe Version arabe
Sourate De Koe in english English version
Sourate De Koe en español Versión española
Sourate De Koe auf Deutsch deutsche Version
Sourate De Koe in italiano Versione italiana
Sourate De Koe en phonetique Version phonetique

Imprimer la page
Envoyer à un ami
Forum Islam
Version PDF
Sourate en audio





Liste des pages: <<  17 18 19 20 21 22 23 24 25 26   >>

2.161. Voorzeker, die verwerpen en als ongelovigen sterven, over hen zal de vloek komen van Allah en van de engelen en van alle mensen.

2.162. Daarin zullen zij blijven. Hun straf zal niet worden verlicht, noch zal hun uitstel worden verleend.

2.163. En uw God is één God, er is geen God buiten Hem, de Barmhartige, de Genadevolle.

2.164. Voorwaar, in de schepping der hemelen en der aarde en in de wisseling van nacht en dag en in de schepen die de zee bevaren, met datgene wat de mensen tot voordeel strekt, en in het water dat Allah van de hemel nederzendt, waarmede Hij de aarde doet herleven na haar dood en daarop alle soorten dieren verspreidt, en in de verandering der winden, en in de wolken die tussen de hemel en de aarde in dienst zijn gesteld, zijn inderdaad tekenen voor een volk, dat begrijpt.

2.165. Onder de mensen zijn er, die voorwerpen van aanbidding buiten Allah nemen en ze liefhebben, zoals zij Allah behoren lief te hebben. Maar zij die geloven zijn sterker in hun liefde voor Allah. En als zij die overtreden (nu) de tijd kunnen zien wanneer zij de straf zullen zien, (dan zouden zij beseffen) dat alle macht aan Allah toebehoort en dat Allah streng is in het straffen.

2.166. Wanneer de leiders hun volgelingen zullen verzaken en de straf zullen bemerken en al hun banden zullen worden verbroken,

2."167. Zullen de volgelingen zeggen: ""Indien wij slechts terug konden keren, zouden wij hen verzaken, zoals zij ons hebben verzaakt"". Zo zal Allah aan hen hun werken tonen tot wroeging en zij zullen het Vuur niet kunnen ontkomen."

2.168. O gij mensen, eet van hetgeen geoorloofd en goed is op aarde en treedt niet in de voetstappen van Satan, voorzeker, hij is voor u een openlijke vijand.

2.169. Hij gebiedt u alleen, wat kwaad en wat onrein is en dat gij over Allah zegt, wat gij niet weet.

2."170. En wanneer er tot hen wordt gezegd: ""Volgt hetgeen Allah heeft geopenbaard"", zeggen zij: ""Neen, wij zullen datgene volgen, wat wij onze vaderen zagen volgen"". Zelfs al hadden hun vaderen in het geheel geen verstand en volgden zij ook de rechte weg niet?"


Liste des pages: <<  17 18 19 20 21 22 23 24 25 26   >>