|
|
JonasNombre de versets (ayats): 109Affichage: 81-90
Imprimer la page 10.82. En Allah bevestigt de waarheid door Zijn woorden, zelfs al zijn de sehuldigen afkerig. 10.83. En niemand geloofde Mozes, dan enige jongelingen van onder zijn volk, uit vrees voor Pharao en zijn leiders, in geval hij hen zou vervolgen. En waarlijk. Pharao was een tiran in het land en behoorde tot de buitensporigen. 10."84. En Mozes zeide: ""O mijn volk, indien gij in Allah hebt geloofd stelt dan uw vertrouwen in Hem, als gij Moslims zijt.""" 10."85. En zij antwoordden: ""Wij leggen ons vertrouwen in Allah: Onze Heer, maak ons niet tot voorwerp van vervolging voor het onrechtvaardige volk." 10."86. En red ons door Uw barmhartigheid van de ongelovigen.""" 10."87. Wij openbaarden aan Mozes en zijn broeder: ""Neemt gij beiden huizen voor uw volk in Egypte en bouwt uw huizen tegenover elkaar en houdt het gebed. En geeft de gelovigen blijde tijdingen.""" 10."88. En Mozes zeide: ""Onze Heer, Gij hebt Pharao en zijn leiders versieringen en rijkdommen in het tegenwoordige leven geschonken, zodat zij, Onze Heer, van Uw pad afleiden. Onze Heer, vernietig hun bezittingen en verhard hun hart, want zij zullen niet geloven voordat zij de pijnlijke straf zien.""" 10."89. Allah zeide: ""Uw gebed is aanvaard. Weest gij beiden daarom bestendig en volgt niet het pad der onwetenden.""" 10."90. En Wij brachten de kinderen Israëls over de zee, Pharao en zijn scharen vervolgden hen op een onrechtvaardige en aanvallende wijze, totdat hij toen hij bijna verdronk, zeide: ""Ik geloof dat er geen God is dan Hij, in Wie de kinderen Israëls geloven en ik behoor tot de Moslims.""" |
|