De Bij
16.97. Die juist handelt, hetzij man of vrouw en een gelovige is, hun zullen Wij voorzeker een goed leven schenken, en gewis zullen Wij hen belonen naar hun beste werken.
16.98. En wanneer gij de Koran voordraagt, zoekt dan uw toevlucht tot Allah tegen Satan de verworpene.
16.99. Voorzeker hij heeft geen macht over degenen die geloven en die vertrouwen in hun Heer stellen.
16.100. Zijn macht heerst alleen over degenen die met hem vriendschap aanknopen en die anderen met God vereenzelvigen.
16."101. En wanneer Wij het ene teken in plaats van het andere brengen - en Allah weet het beste wat Hij openbaart - zeggen zij: ""Gij verzint slechts."" Neen de meesten hunner weten het niet."
16."102. Zeg: ""De Geest van heiligheid heeft het van uw Heer met waarheid nedergebracht, opdat Hij degenen die geloven, moge versterken en als leiding en blijde tijding voor hen die zich onderwerpen."""
16.103. En Wij weten inderdaad dat zij zeggen dat het slechts een man is, die hem (de profeet) onderwijst. De taal van hem die zij bedoelen is vreemd, terwijl dit de duidelijke Arabische taal is.
16.104. Degenen die in de tekenen van Allah niet geloven, Allah zal hen voorzeker niet leiden en er zal voor hen een smartelijke straf zijn.
16.105. Voorzeker slechts zij verzinnen leugens die in de tekenen van Allah niet geloven, zij zijn de leugenaars.
16.106. Wie Allah verwerpt, na te hebben geloofd - behalve hij die wordt gedwongen terwijl zijn hart in het geloof vrede blijft vinden - en zijn hart voor het ongeloof opent, op hem rust Allah's toorn, en er zal een grote straf voor hem zijn.
16.107. Dit komt doordat zij het tegenwoordige leven boven het Hiernamaals hebben verkozen, en omdat Allah het ongelovige volk niet leidt.
16.108. Dezen zijn het op wier hart, oren en ogen Allah een zegel heeft gelegd. En dezen zijn de achtelozen.
16.109. Dit zullen ongetwijfeld in het Hiernamaals de verliezers zijn.
16.110. Dan is uw Heer voorzeker voor degenen die ontvluchten, nadat zij worden vervolgd en ter wille van Allah hun best doen en geduld tonen, Vergevensgezind, Genadevol.
16.111. De dag waarop elke ziel voor zichzelf komt pleiten, dan zal elke ziel ten volle worden vergoed voor hetgeen zij deed en haar zal geen onrecht worden aangedaan.
16.112. En Allah geeft de gelijkenis van een stad, die in rust en vrede was en wier voorziening in overvloed van alle kanten tot haar kwam, maar zij was ondankbaar voor de gunsten van Allah en daarom deed Allah honger en vrees over haar komen voor hetgeen zij deed.
Rechercher dans le Coran
Accès sourates
Accès versets